Pagina voor acupuncturisten

 

Acupunctuurpunten optimaal behandelen

Nuances bij de TCM

Na een goede anamnese, energetische diagnose, op basis van de TCM, komen tot de gewenste puntencombinatie, deze punten prikken en stimuleren/sederen met de juiste techniek, zou moeten leiden tot een optimaal resultaat. Helaas is dat niet altijd het geval. Op het gebied van TCM is zeer veel literatuur beschikbaar en hebben we vele aanknopingspunten, waar mee te werken valt.
TCM gaat uit van vele standaard concepten, modellen, werkwijzes die in veel gevallen voldoen. Op deze pagina beschrijf ik met name variabelen, die de resultaten kunnen verbeteren, maar niet of nauwelijks aandacht krijgen binnen de TCM.

Prikdiepte

De TCM geeft je een locatie en prikdiepte. De prikdiepte die beschreven wordt, is doorgaans het energetische centrum van het punt en in veel gevallen de diepte waar de naald het gewenste effect geeft. De werking van de naald vindt hoofdzakelijk plaats in het gebied waar de punt zich bevindt. Zit bij jouw patiënt daar de sterkste energetische afwijking, dan moet daar de punt van de naald terechtkomen.

Helaas is de beschreven diepte niet altijd de meest gewenste diepte. De sterkste verstoring kan zich ook manifesteren op een andere diepte, of een punt heeft meerdere afwijkingen op verschillende levels. Is er sprake van een sterke volte net onder het huidoppervak, prik dan niet (direct) door naar de normale diepte, maar laat de punt zijn werk doen bij de energetische afwijking onder het huidoppervlak. Een acupunctuurpunt is te beschouwen als een groot metrostation met meerdere onder elkaar liggende tubes, met hun eigen richtingen (en functies). Misschien moet je eerst ergens een perron leegvegen en daarna bij de andere tube voor de voeding zorgen.

Een concreet voorbeeld: Iemand heeft plotseling TCM-kenmerken van Nier-deficiëntie. Ik kom tegen, dat een deel van EPF, die het lichaam via de BL-meridiaan afvoerde, via het Luo-connectie kanaal op KID-3 terechtgekomen was.
De behandeling hiervan is: KID-3 (kortstondig) sederen van de EPF en daarna doorprikken tot de aanbevolen diepte, om te gaan tonifiëren.

Zorg dat de naald op de gewenste plek blijft

Acupunctuurpunten bevinden zich op vastliggende plekken op het lichaam. Een punt is bv. gefixeerd op een vaste plek t.o.v. een bot en ligt in het aangrenzende spierweefsel. Spierweefsel beweegt; spant en ontspant en verschuift. Het punt is honkvast t.o.v. het bot; verschuift de spier, dan verplaatst de Qi van dit punt zich, binnen de spier moeiteloos naar de nieuwe positie, die hoort bij de locatie.

Houdt altijd rekening met het feit, dat je veelal in spierweefsel prikt en het acupunctuurpunt zich op een gefixeerde plek in het lichaam bevindt. Gaat de spier (t.g.v. de behandeling) ontspannen, dan wandelt dikwijls de naald bij het punt vandaan. Rectificeren van de naaldpositie is dan nodig.
Beweegt de patiënt; bv. je hebt SJ-5 geprikt en de pols wordt iets gedraaid, dan zie je duidelijk dat de naald zich niet in optimale positie bevindt en mogelijk nog een geringe werking heeft.

Triggerpoints hebben, anders dan acupunctuurpunten, een gefixeerde positie in de spier.

Weinig rendement bij optimale puntencombinatie

Je prikt de juiste punten. Er gebeurt energetisch heel veel en toch kom je niet uit bij het verwachte resultaat. De patiënt krijgt op uiteenlopende plaatsen spierspanningen, pijnen, of wordt bv. misselijk. In bijna alle gevallen heeft het te maken met de tegenreactie van het lichaam.

De energiestromen in het lichaam worden o.a. door instinctieve systemen gemonitord. Wordt een buitensporige sterke energiecirculatie gesignaleerd, kan dit leiden tot ingrijpen. De reactie die doorgaans volgt is blokkeren/ remmen van energiestromen. De behandeling wordt belemmerd door een halsstarrig instinctmatig patroon, dat niet kijkt naar wat het meest wenselijke is; bij veel energiestromingen moet steevast de rem er op. Indien er sprake is van snelstromende pathogene Qi, of van emotionele energieën, zal het lichaam nog sneller ingrijpen, dan bij snelstromende meridiaan Qi.

In dergelijke situaties zit er vaak niet anders op dan de behandeling minder intens te maken: – naalden verwijderen, of iets terug trekken (uit de intens werkende zone halen) en je naaldmanipulaties heel voorzichtig toepassen. Je kunt eventueel (ook) de strijd aangaan met de blokkerende gebieden; in acupunctuurpunten, of Ah Shipunten prikken, waardoor de belemmering, ten dele, uitgeschakeld wordt.

Bedenk dat er altijd sprake is van dualiteit tijdens een behandeling; een meewerkend en een tegenwerkend deel van de patiënt.

Als behandelaar manipuleer je een wedstrijd tussen dat deel van het lichaam dat gericht is op homeostase en het deel dat mede een rol speelde in het ontstaan van de aandoening. Je moet voldoende in de aanval, maar weet dat er altijd ook tegenreacties zijn. Zorg de je uitkomt bij 'een zo gunstig mogelijke einduitslag van de wedstrijd'.

Tintelende/ slapende handen

Wordt tijdens de behandeling veel energie afgevoerd richting extremiteiten, dan is de kans groot dat het lichaam bij de handen of voeten de Qi daar gaat blokkeren. Er ontstaat een dusdanige energieophoping dat deze leidt tot vernauwing van bloedvaten en belemmering van de werking van de zenuwen. De patiënt ervaart bv. zware handen, tintelingen, of slapende handen en de behandeling wordt flink geremd. Zorg ervoor dat de patiënt dit meldt. Zodra zoiets gebeurt, is het raadzaam dit onmiddellijk te behandelen. Probeer de circulatie daar weer op gang te brengen, daar de gewrichten in het gebied te bewegen, draaien en strekken van bv. polsgewricht en vingerkootjes en masseer er lichtjes. Vraag de patiënt, zoveel mogelijk het gebied ontspannen te houden (dit is moeilijk voor haar/hem, aangezien de instinctieve processen proberen te domineren en opdrachten vanuit het bewustzijn proberen uit te schakelen).

Zijn er vooral pathogene energieën, of emoties naar de betreffende extremiteit gestroomd, prik dan plus sedeer eventueel de BaXie-punten, of de Luo-punten van de aangedane meridiaan.

Als de blokkade opgeheven is, zal de oorspronkelijk gestarte behandeling weer zijn normale rendement hebben.

Naaldmanipulatie:

Manipulaties kunnen leiden tot een verbetering van het in gang gezette proces van de naald. De manipulatie triggert het deel van de patiënt dat de correctie wil aangaan. Maar dat niet alleen, ook het deel wat zich verzet wordt getriggerd. Ook hierbij geldt, dat er een situatie is die leidt tot 'een zo goed mogelijke uitslag van de wedstrijd. Met 10-9 winnen is anders dan een 2-1 uitslag. In het eerste geval lijkt het alsof er veel gebeurd is; de behandeling was pijnlijk en er waren vele reactie op veel plekken in het lichaam. Of de nawerking van die behandeling positief uitpakt en de vervolgbehandeling voldoende rendement gaat geven is de vraag. Je moet echter alleen tevreden zijn met de 2-1 uitslag als dat de meest gunstige is. Kan je er 4-2 van maken, kies dan daarvoor.

Niet te veel en niet te weinig manipuleren dus.

Energetisch manipuleren

In de TCM past men manuele naaldtechnieken toe om de werking te optimaliseren. Zij die bedreven zijn in het energetisch beïnvloeden van energieën, kan deze Ki/Qi-principes toepassen op naalden. Je kunt bv. energie van de ene naar de andere naald sturen, of van een lichaamszone naar een naald (of omgekeerd).
Ook hier geldt dat je te sterk, of te zwak kan stimuleren. Verhoog je de intentie van de Qi-sturing steeds verder, dan merk je dat op een gegeven moment de Qi niet meer soepel geaccepteerd word; het lichaam remt jouw handeling en de patiënt zal op dat moment pijn ervaren. De beste beïnvloeding is, net onder de grens te blijven die door het lichaam van de patiënt geaccepteerd wordt

Reacties in het lichaam

Vaak vinden mensen het geweldig dat je ergens een reactie in het lichaam ervaren; je prikt in het been en er is een reactie in de bovenarm. Menig therapeut vindt het zelf ook goed. Je weet in elk geval dat de energie sneller is gaan circuleren. realiseer je echter dat de sensatie opgeroepen wordt door belemmeringen/blokkades; remmingen van de energiecirculatie. 'Er liggen takken in de sloot'; de patiënt zou deze sensatie niet hebben als er geen belemmering aanwezig was. Door te zorgen dat de de belemmeringen ook opgeheven worden, zal de behandeling nog beter verlopen.
Soms levert zo'n reactie ook interessante informatie op; een reactie in een ander meridiaanstelsel, kan aanleiding zijn om jouw diagnose bij te stellen/ de patiënt vragen te stellen verband houdend met de kenmerken van het reagerende acupunctuurpunt, of die meridiaan.

Pijnsensaties bij het prikken

Het prikken van een punt wordt soms nauwelijks gevoeld, het kan echter ook tot een flinke pijnsensatie leiden. Is er sprake van een relatieve leegte, die met de naaldpunt pas bereikt wordt als de naald de gewenste diepte heeft bereikt, dan zal de Qi nauwelijks aanleiding geven tot een pijnreactie. Bij een flinke volte van Qi, die zich ook manifesteert aan de oppervlakte, kan prikken een heftige pijn veroorzaken. Veelal zal het een pijnflits zijn, gelijk daarna dooft.
Indien ergens in een lichaam een plotselinge en onverwachte energiebeweging ontstaat, reageert het lichaam er op met een pijnsignaal; hoe extremer de ontlading, des te heftiger is de pijn. Is er sprake van stroming/ ontlading van een EPF of een emotionele energie (die de patiënt onbewust wil binnenhouden), dan zal de pijn nog heftiger worden).
Blijft een pijn aanhouden, check dan of je mogelijk een bloedvaatje geraakt hebt, of in de buurt van een zenuw geprikt hebt. Buig de naald zijwaarts in alle richtingen en vraag of de pijn toeneemt. Zo ja, zorg dat de naald beter gepositioneerd wordt. Blijft de pijn gelijk, dan is het Qi-systeem, dat de volte wil vasthouden in gevecht de naald. Sedeer voorzichtig tot de pijn zakt, het teken dat de blokkerende actie wegebt en de naald zonder teveel tegenwerking zijn job kan gaan doen.

In gebieden waar aan de oppervlakte veel zenuwen lopen zal de pijnsensatie heftiger zijn dan op andere plekken. Blijkbaar gaan er dan tegelijk signalen naar de hersenen lopen, via energetische kanalen en via de zenuwen.

Vastzittende naald

Een naald kan tijdens een behandeling vast gaan zitten in spierweefsel. Spierbundeltjes waar doorheen geprikt is, kunnen in verschillende richtingen gaan spannen, of ontspannen. Het gevolg is dat er zijwaartse druk op de naald ontstaat in meerdere richtingen. In veel gevallen wordt de naald dan pijnlijk en zal tevens de werking van de naald verminderen en soms gaan blokkeren. Een klemzittende naald ontdek je soms ook tijdens een naaldmanipulatie. Trek de naald zover terug, tot de spanning er af is en prik weer tot de gewenste diepte.

Het vastzitten van de naald kan ontstaan door bewegingen van de patiënt. De persoon rekt zich uit en bv. een naald in het onderbeen komt daardoor op spanning te staan. Het lichaam ontdekt de weerstand en er blijft een spanning op de naald aanwezig. Een andere reden kan zijn, dat ten gevolge van de werking van de naald een spier (gedeeltelijk) gaat ontspannen, terwijl ander weefsel/ andere spierbundels op dezelfde plaats blijven. Corrigeren is doorgaans altijd wenselijk.

Vastzittende naalden komen met name voor op het onderbeen en onderarmen. Ook bij het schouderblad en schoudergewricht en op spieren rond de wervelkolom komt dit voor.

Verblijfsduur van een naald

Binnen de TCM wordt doorgaans een geadviseerd een naald 20 minuten tot max. een half uur te laten staan. Mijn ervaring is dat dit een gemiddelde tijd is en de optimale tijdsduur kan variëren van een paar minuten tot wel 50 minuten. Leegtes in Yuan Source-punten zoals bv KID-3 kunnen dikwijls in een korte tijd gecorrigeerd worden. Is het punt in 5 minuten gecorrigeerd en de naald blijft langer staan op die plek, dan leidt dit tot energieverlies. Op andere punten kun je dan wel langer doorgaan met het voeden van de Nier-Qi.

Stagnaties kunnen soms heftig zijn, als het lichaam van de patiënt een sterk remmende invloed heeft op het effect van de naald, vraagt het vaak om het punt langer te behandelen. Een punt kan soms zonder problemen 50 minuten behandeld worden, om voldoende effect te sorteren en er geen sprake is van overbehandeling.

Overbehandeling

De patiënt kan een maximum aantal correcties aan. Te veel naalden plaatsen, te langdurig behandelen, te intensieve naaldmanipulaties kan een reden zijn van overbehandeling. Een heel andere reden is, dat het energiestelsel van de patiënt heel intensief mee gaat helpen de correcties aan te brengen. Het gaat echter in zo'n rap tempo, dat het lichaam het niet aan kan. Minder dan een kwartier na de behandeling kan de persoon al gaan geeuwen en in slaap dreigen te vallen. Ontspanning voelen bij een behandeling is normaal. Een paar minuten geeuwen en slaperig voelen kan daarbij horen. Vermindert de slaperigheid daarna niet, dan is verloopt proces te snel. Verwijder één naald (of iets terugtrekken) en zie er op toe dat de behandeling minder snel verloopt en het verloop op een goede manier verder kan gaan. Zo nodig verkort je de behandelingsduur.

Meer items volgen

Er zijn veel meer overwegingen te maken ten aanzien zo optimaal mogelijk behandelen.
Aan een vervolgpagina wordt gewerkt.

reageren...

 

© Jan Reinders, Groesbeek 2018 Integraal overnemen/ kopiëren/ afdrukken met bronvermelding en deze copyrights-regels, toegestaan. Het is niet toegestaan zonder bronvermelding de tekst van dit artikel geheel of gedeeltelijk te kopiëren, of over te nemen/ te gebruiken in electronische verspreidingsbronnen (internet, CD-ROM, enz)..